Hieronder de vijf standaarden die u in de proces- en laboratoriumtechniek tegenkomt, met hun herkenningspunten en toepassingsgebieden.
1. Metrisch (M en MF): de Europese standaard
Metrische draad is verreweg de meest gebruikte standaard in Europa en volgt ISO 261 en ISO 965. De aanduiding bestaat uit de letter M gevolgd door de buitendiameter in millimeters, eventueel met de spoed erachter. M6 heeft een buitendiameter van 6,00 mm; M6x0,75 is de fijne variant met een spoed van 0,75 mm.
Herkenning: de buitendiameter komt uit op een rond millimetergetal. Tophoek 60 graden. Cilindrisch.
Toepassing: Europese machinebouw, installatietechniek, Europese analytische instrumenten (onder meer sommige Agilent en Shimadzu HPLC-modules gebruiken M6).
2. UNF (Unified National Fine): fijne Amerikaanse draad
UNF is een Amerikaanse draadfamilie met een fijne spoed. De aanduiding bestaat uit de nominale maat gevolgd door het aantal gangen per inch: 10-32 betekent maat #10 met 32 gangen per inch. Binnen UNF bestaan onder andere #4-40, #6-32, 10-32, 1/4-28, 5/16-24 en 3/8-24.
Herkenning: buitendiameter komt uit op een ‘onlogisch’ millimetergetal zoals 4,83 of 6,35 mm. Tophoek 60 graden. Cilindrisch. Fijne spoed.
Toepassing: analytische chemie (HPLC, LC-MS, GC), trillingsgevoelige constructies, precisie-instrumentatie, Amerikaanse machinebouw.
3. UNC (Unified National Coarse): grove Amerikaanse draad
UNC is de grove tegenhanger van UNF: dezelfde diameters, maar minder gangen per inch. Dat maakt de draad dieper en robuuster, sneller te monteren en minder gevoelig voor beschadiging, maar ook minder trillingsbestendig.
Herkenning: zichtbaar grovere draadgangen dan UNF bij dezelfde diameter. Tophoek 60 graden.
Toepassing: Amerikaanse machines en voertuigen, constructiebouw, bevestigingen in zachtere materialen. Zelden in fluidics-toepassingen.
4. BSP (British Standard Pipe): de Europese pijpdraad
BSP is de dominante pijpdraadstandaard buiten Noord-Amerika en wordt in Nederland vaak gasdraad genoemd. BSP kent twee varianten die essentieel van elkaar verschillen:
- BSPP (aanduiding G): cilindrische draad. Dicht af via een vlakke pakking, O-ring of Usit-ring op het afdichtvlak. Nooit met teflontape.
- BSPT (aanduiding R): conische draad. Dicht af op de draad zelf, met PTFE-tape of afdichtpasta.
Herkenning: tophoek 55 graden (Whitworth-profiel) met licht afgeronde toppen. De maataanduiding verwijst naar de historische binnendiameter van de pijp, niet naar de buitendiameter van de draad. G1/8 heeft een buitendiameter van circa 9,7 mm.
Toepassing: Europese hydrauliek en pneumatiek, procesinstallaties, drinkwater, instrumentatie, gastoevoer.
5. NPT (National Pipe Taper): de Amerikaanse pijpdraad
NPT is de Amerikaanse pijpdraadstandaard en is altijd conisch (taps 1:16). De draad zet zich bij aandraaien vast, waardoor afdichting op de draad zelf plaatsvindt. Voor een lekvrije verbinding is een afdichtmiddel zoals PTFE-tape vrijwel altijd noodzakelijk.
Herkenning: tophoek 60 graden, duidelijk conisch verloop. Meet de diameter bij de vierde of vijfde volle draadgang.
Toepassing: Noord-Amerikaanse procesapparatuur, gas- en waterleidingen, petrochemie, HVAC, pneumatische systemen van Amerikaanse makelij.